Maand: november, 2013

De wielen van de zeepkist kookten over. Het gepimpte karretje stond in het midden van de kamer geparkeerd. Haar remsporen krasten zwarte groeven in de lino-ziekenvloer.

SSST…. fluisterden de supporters van achter de glazen deur. Hij ligt te slapen.

De coole co-piloot lag geveld en geketend aan een sissende zuurstofslang. In een wir war van kabels stroomden gouden duracel-batterijen door het gedeukte zilveren strijdros.

fffff -ffffff – fffff, blies de  megatoby kabouter tegen het glaswerk. Hij kleefde natte kusjes tegen het raam en gomde ze snel weer uit. 

De voorbije nachtelijke ritten wogen zwaar op het kleine mannetje. Z’n buikje ging piepend te keer, z’n  oogjes verdwenen naar dromenland en terug.

De grote stuurman gromde zich een weg in een oververmoeide kamer, terwijl er stilletjes heen en weer werd gebeld met het thuisfront.

WTF***,vroeg ze..
RSV, SMS-te hij terug.

Z O T , tekende de dampende jongen … en verdween met de noorderzon. 

Weet je dat er achter iedere (co-) piloot een sterke mama staat? Groot of klein, dik of dun. Hoe stoer de piloten ook beweren te zijn…. hoe hard er misschien wel gezweven wordt… de mama brengt vaste grond.

Lieve mama, vanuit onze gepimpte kist, sturen we je wat geurende zeepblokjes op. We vonden ze tijdens onze nachtelijke reizen naar Marseille en Aleppo. ’t Is voor als je straks in bad gaat …

en droomt… van je kleine co-piloot. Tot morgen, 

_MG_0424

en vergeet je maskertje niet!

x

Advertenties

We maakten onze gordels vast en zetten ons krap. “Ik mag dus sturen?” grijnsde ik.  Zoals alleen hij dit kon, verscheen er een glimlach op z’n gezichtje, terwijl  hij met z’n blauwe sterrenhelm naar rechts draaide.

De saturatie in de zeepkist was plots te snijden. Zijn witte assistentes verhoogden  de zuurstof … we zetten ons krap.

In de huilende gang werd het muisstil… Bij elk deurtje verscheen een kleine supporter…

Bij 100 startte ik de motor… en met gierende banden zweefden we…

in gedachten verder.

Als we straks heel hard ons best doen Kamiel, dan kunnen we jouw getralied bedje ombouwen tot een prachtige zilveren zeepkist.

We klikken de zijkanten goed vast en gebruiken de zuurstof als aandrijving. Geel is gas, zwart is turbo. Jij krijgt een blauwe sterrenhelm en je lichtvoetje leidt ons doorheen de donkerste plekjes. Het knalgele signaalbakje wordt onze TITA TITA sirene.

Ben je er klaar voor?
Als ik mag sturen beloof ik je een knotsgekke rit m’n jongen.

3……..2…….zoeven we doorheen deze huilende gang. We volgen de gele lijn en racen waar de nacht ons brengt…

Ik droom met jou Kamiel,

om het hardst.

CONTACT

2411

 

hoop

Ik werd daarstraks wakker door het gelach van Kamiel. Als ik je zeg dat dit een maand geleden is.. als ik je vertel dat hij kraaide en gelukkig op m’n arm wipte….  Zou de medicatie beginnen te werken? Ik wil niet haasten, maar het voelt zo ontzettend goed opnieuw een kind te kunnen dragen dat terug in deze wereld is. Hij zit in z’n stoeltje en speelt, … echt!

2111

West

Voor ons mag je zijn wie je bent…
Dat las ik op het geboortekaartje dat deze morgen in onze bus viel.

Achter het grijze ziekenhuisraam fladderen deze 8 woorden al heel de morgen voorbij. Hoe langer ik er over nadenk, hoe meer ik het gevoel heb dat het een zinnetje is zoals: “ik heb je trouw, in goeie en kwade dagen“.

Natuurlijk mag je zijn wie je bent… maar toch hoopt iedere ouder diep in z’n hart dat het leven komt binnenwaaien van de goede kant. Wanneer slecht nieuws plots de kamer binnenwandelt en het geluk een harde vuistslag geeft, leest dat zinnetje plots 100 keer gevoeliger.

Gisterenavond had ik om 18.15 een nieuwe afspraak bij de kinderneuroloog. Terwijl enkele ouders bezig waren over het continue winter-aerosollen gaf ik Kamiel z’n laatste flesje.. Plots draaide hij z’n ogen naar de verkeerde kant. Ik nam hem snel tegen me aan en voelde hoe hevig hij tegen m’n borst bonkte. De gesprekken in de wachtzaal verstilden… hun ogen richtten zich op ons. “Hij heeft een aanval,” gaf ik hen als antwoord en vluchtte de wachtzaal uit..

Toen het onze beurt was, mocht ik met een uitgetelde kleine tegen een kletsnatte trui op consultatie. Er werd besloten om nieuwe medicatie op te starten. Laat ons hopen dat die aanslaat. We zijn nu toch al 3 weken verder zonder grote hoopgevende resultaten.
Tenslotte stapten we samen naar het bloedkamertje, waar hij schreeuwend een prikje kreeg en een zakje tranen en enkele druppels bloed achterliet. Het was dezelfde verpleegster als toen. Ik zag mezelf zitten op dat zwarte stoeltje. Ik hoorde hoe Lore verbaasd zei dat het wondje bleef bloeden. En hoe ik…haar lachend geruststelde.

Enige tijd geleden postte ik op ons schoolforum een video over etiketkinderen. Ik deed dit in een poging kritisch om te gaan met stempels die onze kinderen krijgen.
Naast me ligt een witte enveloppe. De papieren woorden gaan over jou Kamiel. En je krijgt een syndroom cadeau.

1811

 

121113

071102

muziek: Jan Swerts. 

061103

 

051101

We zitten aan de keukentafel. Terwijl Leon naast me ritmisch de pijltjes volgt met z’n stompe potlood,  volg ik je chaotische gedachten op het puntje van m’n stoel..  Als het in je hoofdje tekeergaat als op dit velletje papier… tja.. wat dan?

Mag ik je onze kleine dromer noemen?

Soms zou ik in een glazen bolletje willen kijken.. en soms ook niet. Dan is niets zo mooi als dat frêle moment. Vorige week reden we kibbelend door de herfst en het ging over gelukkig zijn… Ik herinner me vaag hoe we onze frustraties de vrije loop lieten…Hoe we vergaten dat er achterin een kereltje van 5 elke letter bespeelde..  tot hij heel nuchter zei:

We zijn toch gelukkig?

En daar was de stilte terug..  en het besef, maar vooral, een glimlach op ons gezicht.

Ik wens, kleine Kamiel. Dat jij, net als je lieve broer, gelukkig wordt.

depakine

041101

041102

291005

van op het dak

Van op het dak zoek ik de makkelijkste weg doorheen dit dolle verhaal.  Ze bestaat hoor.. dat weet ik zeker.  Ik ben er jaren mopperend doorgevlamd zonder er het bestaan van te weten… in een ander hoofdstuk.  Er ging een blauw bordje maar de straatnaam heb ik nooit kunnen lezen.

Misschien vind ik haar op deze manier wel terug.  Ik zou er alleszins minder mopperen, dat denk ik.  Eerst en vooral zou ik mijn wagen parkeren aan het begin van de straat en een keer heel hard gillen. Gewoon, omdat het goed zou doen.
Ten tweede zou ik de eerste dame of heer die ik er tegen het lijf loop eens flink knuffelen. En ten derde zou ik er een te koop bordje zoeken… en hopen dat het er betaalbaar is.

Maar zoeken van op dit dak is zoals zoeken naar ‘Waar is Wallie’. Ik neem de sterrenkijker die Leon en ik een tijd geleden maakten. We vonden wat oude Russische lenzen op opa’s zolder en tapeten ze kleurig aan elkaar. We mengden de meest vrolijke kleurtjes die we bedenken konden en versierden hem met ons hele hart. Tenslotte bedacht Leon een geweldige toverspreuk waar veel scheetwoordjes en soorgelijke klanken in voorkwamen en bezegelde het ding… voor altijd!

Dit moet gewoon lukken. Ik knijp mijn ogen heel hard op elkaar en concentreer me. Ik start links onderaan en bespeur elk minuscuul plekje. Mijn kijker gaat van  links naar rechts en van boven naar onder.

En dan…vliegt een klein vogeltje voorbij m’n lens. Het heeft een papieren briefje in z’n fijne bekje. Ik roep zo hard ik kan: Waar ga jij naartoe kleine mus? Waar brengt de wind je heen? Mijn zware stem schalt over deze grote wereld. Maar het grijze beestje kijkt niet om. Het fladdert boven de grijze huizenmassa en valt plots… zoals een buizerd zijn prooi vangt… recht naar beneden. Ik volg met  de kijker zo snel als mogelijk en dit gaat hard!  Pijlsnel valt het kleine pluimpje in de diepte… WEG!

Ik ben het verloren. Ik ben het kwijt. Ik zoek in elk hoekje zo snel ik zoeken kan…  tot er opnieuw… een klein vogeltje voorbij m’n lens fladdert. Het is iets grijzer dan z’n soortgenoot denk ik. Maar tussen z’n bekje steekt weer een kleurig briefje.

En zo blijf ik kijken de hele dag, en vergeet wat ik zoeken moest… Honderden kleine vogeltjes versieren de hemel.  Elk met een kleurrijk briefje in hun bekje en vallen neer… één voor één.

daar, op dat groene plekje, in de grote wereld.

-wordt vervolgd-