door tomvanryckeghem

TUSSENMARSENBRAM

Het is dinsdag.
De bel gaat en mijn knutselkindjes schilderen de deur uit… ’t Was een drukke middag maar het voelt goed om samen te kunnen creëren.  Het is dinsdag en ik zoem met Joaquim langs ronkende vierwielers. Het zonnetje warmt het topje van mijn neus en ik geniet mee.

Hoeveel keer zou ik deze drukke straat al genomen hebben? Hoeveel vreemdelingen vochten hier sinds die dag in mijn hoofd?
Wanneer ik Roeselare voorbij rijd, kijk ik vanuit mijn linkerooghoek naar het nieuwe Delta-gebouw. Ik hoorde dat er straks wijzen gaan huizen. Ik hoop woordeloos dat we er  enkel nog moeten komen voor pietluttigheden.
Ziekenhuizen lieten diepe indrukken na in ons hart. Ze kerfden lijnen op mijn arm die onuitwisbaar zijn. Ze tekenden nieuwe paden maar blijven ergens ook onafscheidelijk kleven…

Ik laat nog enkele zijwegen achter mij om uiteindelijk Savio binnen te rijden. De zon glijdt met me mee. Er hangt rond dit dorpje een warme koepel.  Drukte verliest hier van geborgenheid.  Tijd blijft hier hangen op een bankje in de zon.

Ik stap naar Kamiel. Hij zit zoals elke dinsdag naast zijn vriendjes in zijn buggy. Ik praat wat met de lieve opvoedsters, til hem uit z’n stoeltje en daar gaat hij… Als een dronken speer verkent hij deze nieuwe wereld.
Kleine ontdekkingsreiziger, wat ben ik trots op jou. Wat ben ik blij dat jij hier gelukkig mag zijn. Deze kansen zijn van onschatbare waarde voor morgen en vandaag. Hier worden jouw frustraties gekneed tot prachtige uitdagingen. Hier is drukte en prestatie ondergeschikt. Hier is geen tijd om te stressen. Op jouw tempo gaan we op stap!

We wandelen naar de paardjes van hoeve Ter kerst. Ik weet dat het afscheid met Mars en Bram weer heel moeilijk zal worden maar wat the F***. Jij  geniet telkens van dit machtige moment.
Alles wat helm draagt is bal. Dus een ruiter is bal. Alles wat beest is, is mjam… dus Mars is Mjam. We genieten samen van dit wondermoment. Jouw kijk op deze wereld leert mij zoveel.

Ik leid hem naar de kipjes… om uiteindelijk huilend terug bij de wagen te komen. Ik pers hem in zijn stoel. Het lieve beestje transformeert in een klein tierend monstertje. We nemen de weg terug en op één of andere manier raakt hij uit de stoel en ligt languit waar normaal benen moeten rusten.
Bam… bam… huilt hij. ‘ t Kleine monstertje robbelt 5 kilometer verder tot het eerste wegstation.
Een pakje koeken doet wonderen en we raken uiteindelijk veilig thuis…

En toch… kijken we de volgende keer opnieuw paardjes!

Het is dinsdagavond. Er klinken verse tonen door dit huis. De jongens slapen en jij oefent voor de eerste keer… pianissimo. Vrijdag komt Geert en ik weet dat je hier zo naar uitkijkt.  Het is dinsdagavond en ik ben misschien de gelukkigste man en vader op deze mooie planeet.

 

pianissimo